In dit hoofdstuk zijn de scores weergegeven van apotheek Stevenshof op de kwaliteitsindicatoren Farmacie voor openbare apotheken. De indicatoren zijn ontwikkeld in opdracht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

De achtergrondinformatie en uitgebreide toelichting bij elke indicator is te vinden via http://www.knmp.nl/praktijkvoering/professionaliteit/meting-kwaliteitsindicatoren. De indicatoren gaan zowel in op structuur (werkafspraken), processen als uitkomsten. Vragen betreffende werkafspraken in de apotheek worden beantwoord met ja, meestal, soms of nee. In andere gevallen wordt een getal of percentage gegeven. Dit getal of percentage is gebaseerd op een berekening uit het apotheekinformatiesysteem of afkomstig van het SFK.

 

Nr. Kwaliteitsindicator Stevenshof 2019 Stevenshof 2020 Benchmark 2019
0.1 Aanwezigheid van gecertificeerd kwaliteitssysteem Ja Ja Ja, 97%
1.1 Percentage maagbescherming bij TAR of COXib 97% 96% 96%
1.2 Percentage foliumzuur bij MTX 99% 98% 99%
1.3 Percentage TAR bij nitraten 99% 97% 97%
1.4 Percentage GEEN doorgebruik PPI na stoppen NSAID’s 99% 99% 100%
1.5 Percentage GEEN doorgebruik PPI na stoppen TAR 100% 98% 100%
1.6 Percentage GEEN hormonale anticonceptie bij vrouwen >52 jaar 99% 99% 100%
1.7 Percentage MTX gebruikers met vastlegging voor opt-in 100% 90% 75% percentiel kiest, 100%
1.8 Percentage kinderen <12jr, dosering amox/clav aantoonbaar nagerekend 67%   75% percentiel kiest, 100%
1.8a Percentage DOAC-starters waarvan nierfunctie bekend is 86% 100% 75% percentiel kiest, 100%
1.8b Percentage DOAC-starters waarvan indicatie bekend is 43% 100% 75% percentiel kiest, 100%
1.9 Percentage starters met een 3de antistollingsmiddel waarvan de start en gebruiksduur van het 3de of 2de middel bekend is. 100% 100% 75% percentiel kiest, 100%
1.10 Inhalatie instructies tijdens corona Face-to-face 5%

Telefonisch 10%

Email 0%

2.1 Geen glibenclamide bij diabetes >70 jaar 97% 97% 100%
2.2 Antilipaemica bij diabetes 84% 79% 95%
2.3 Percentage diabetes type 2 patiënten met
>2 antihypertensiva, waaronder een RAS-remmer
89% 89% 96%
2.4 Percentage diabetes type 2 patiënten met  een RAS-remmer, echter niet als combinatie van ACE en ARB 99% 99% 100%
2.5 Percentage bekende actuele nierfunctie bij starten metformine 67% 90% 75% percentiel kiest, 100%
2.6a Bij de apotheek bekende actuele nierfunctie voor diabetespatiënten startend met RAAS-remmers 50%
2.6b Bij de apotheek bekende actuele kaliumwaarde voor diabetespatiënten startend met RAAS-remmers 50%
2.7 Aanvullende farmaceutische zorg bij starten metformine, sulfonylureumderivaten of insuline      
2.7a Bij eu vertellen voor welke zorg en informatie mbt hun diabetes zij bij uw apotheek terecht kunnen Ja Ja 48% kiest, ja
2.7b Geef bij EU en TU van metformine ook leefstijladvies Nee 23% kiest, nee
2.7c Geef bij metformine bij patient met verminderde nierfunctie advies overhandelen bij koorts, braken of hitte Ja, vaak 25% kiest,
ja vaak
2.7d Geef bij EU of TU van SU-derivaten of insuline aanvullend advies over het voorkomen van hypoglycemie, en hiermee om te gaan Ja, vaak Ja 30% kiest,
ja vaak
2.8a Hoe vaak heeft u in de rapportageperiode een controle uitgevoerd van een bloedglucosemeter, op het functioneren van de meter of het gebruik door de patiënt? 5x
2.8b Hoe vaak heeft u in de rapportageperiode de injectietechniek met de injectiepen bij de patiënt gecontroleerd? 3x
2.9 Bij hoeveel procent is er extra alertheid geboden aan de patiënt op hyperglykemische klachten bij insulinegebruikers met systemische corticosteroïden 100%
2.10 Percentage diabetespatienten met stat van niet-selectieve betablokkers is actie genomen (zoals voorstel alternatief, overleg voorschrijver) 100%
3.0 Ter hand stellen van geneesmiddelen in GDV in het rapportagejaar Ja Ja 93% kiest,

Ja

3.01 Uitsplitsing type patiënten met GDV levering – Zelfstandig zonde hulp 81%

– Met begeleiding thuiszorg 19%

3.1 Overeenkomst betreffende GDV met leverancier die werkt volgens de GDS norm Ja Ja 98% kiest, Ja
3.2 Zorginstellingen waar farmaceutische zorg aan patiënten d.m.v. GDV wordt geleverd en waarmee samenwerkingsovereenkomst is gesloten Nee Ja 36% kiest, Nee
3.3 Voorkomen van risico’s bij handmatige aanpassingen van GDV      
3.3a Zijn er afspraken met de voorschrijver om tussentijds wijzigingen mogelijk te maken. Ja
3.3b Is er een werkprotocol voor het apotheekteam voor het tussentijds handmatig wijzigen van een GDV? Ja
3.3c Worden tussentijdse handmatige aanpassingen gecontroleerd door een collega? Ja, altijd
3.4 Borgen van medicatiebewaking bij GDV-patienten      
3.4a Zijn er afspraken over het omgaan met nieuwe medicatiebewakingssignalen Ja
3.4b Zijn er afspraken over hoe vaak repeterende signalen bekeken worden? Nee
3.4c Zijn er afspraken over hoe de bewaking uitgevoerd wordt bij nieuw gemeten labwaarden Ja
3.5 GDV-patiënten met bisfosfonaten en met een bekende nierfunctiewaarde 100%
3.6 Is er beleid om de medicatie van een GDV-patiënt proactief naar ander apotheken over te dragen, zodat een continu medicijngebruik geborgd is. Ja